9,3 uit 568 beoordelingen



Newfoundland voelt anders dan de rest van Canada. De dorpen liggen verspreid langs de kust, vaak met uitzicht op zee en gekleurde houten huizen die op palen lijken te staan. Tijdens deze autorondreis ontdek je de oostkant van het eiland in een rustig tempo. Je start in St. John’s, een levendige stad met een maritiem karakter, en reist vervolgens via plaatsen als Trinity en Twillingate naar het indrukwekkende Gros Morne National Park.
Wat deze reis bijzonder maakt, is de combinatie van natuur en kleinschalige overnachtingen. Je verblijft niet in grote hotels, maar in kleine inns en guesthouses waar de eigenaar je vaak persoonlijk ontvangt. Denk aan een ontbijt met lokale producten, tips uit de regio en een plek waar je echt even tot rust komt na een dag onderweg.
Onderweg zie je ijsbergen (in het seizoen), walvissen langs de kust en wandel je door nationale parken waar het landschap telkens verandert. Deze route laat je Newfoundland zien zoals het is: puur, nuchter en verrassend veelzijdig. Een reis voor wie graag zelf rijdt en onderweg de tijd neemt om plekken echt te ervaren.
Deze prijs is indicatief. Bereken jouw definitieve prijs met actuele tarieven.
Of vraag
hier
een adviesgesprek aan!

Na aankomst op de luchthaven van St. John’s haal je de huurauto op en rijd je in ongeveer 15 minuten naar je accommodatie in de stad. St. John’s is de oudste stad van Noord-Amerika en dat merk je meteen: geen strak stratenplan, maar kronkelende wegen, gekleurde huizen en een haven die nog steeds actief wordt gebruikt.
Afhankelijk van je aankomsttijd kun je alvast een eerste indruk opdoen. Loop bijvoorbeeld naar Signal Hill, waar je uitkijkt over de haven en de open oceaan. Hier kwam in 1901 het eerste trans-Atlantische radiosignaal binnen. Het pad omhoog is goed te doen en geeft je meteen een gevoel voor de ligging van de stad.
In het centrum, rondom Water Street, vind je kleine winkels, cafés en restaurants. Geen grote ketens, maar lokale adressen waar vis en zeevruchten vaak op het menu staan. Probeer bijvoorbeeld een eenvoudige fish & chips of een chowder; gerechten die hier nog echt onderdeel zijn van het dagelijks leven.
Je overnacht in een kleinschalige inn, vaak gevestigd in een historisch pand. De kamers zijn niet groot, maar wel verzorgd, en het ontbijt wordt meestal vers bereid. Het is een fijne plek om rustig te landen na je vlucht.
Na aankomst op de luchthaven van St. John’s haal je de huurauto op en rijd je in ongeveer 15 minuten naar je accommodatie in de stad. St. John’s is de oudste stad van Noord-Amerika en dat merk je meteen: geen strak stratenplan, maar kronkelende wegen, gekleurde huizen en een haven die nog steeds actief wordt gebruikt.
Afhankelijk van je aankomsttijd kun je alvast een eerste indruk opdoen. Loop bijvoorbeeld naar Signal Hill, waar je uitkijkt over de haven en de open oceaan. Hier kwam in 1901 het eerste trans-Atlantische radiosignaal binnen. Het pad omhoog is goed te doen en geeft je meteen een gevoel voor de ligging van de stad.
In het centrum, rondom Water Street, vind je kleine winkels, cafés en restaurants. Geen grote ketens, maar lokale adressen waar vis en zeevruchten vaak op het menu staan. Probeer bijvoorbeeld een eenvoudige fish & chips of een chowder; gerechten die hier nog echt onderdeel zijn van het dagelijks leven.
Je overnacht in een kleinschalige inn, vaak gevestigd in een historisch pand. De kamers zijn niet groot, maar wel verzorgd, en het ontbijt wordt meestal vers bereid. Het is een fijne plek om rustig te landen na je vlucht.
Vandaag heb je de tijd om St. John’s en de directe omgeving beter te verkennen. Begin de dag rustig met een ontbijt in je inn, vaak met lokale producten zoals vers brood, jam en eieren.
Een aanrader is een bezoek aan Cape Spear, op ongeveer 20 minuten rijden van de stad. Dit is het meest oostelijke punt van Noord-Amerika. Het landschap is hier open en winderig, met lage begroeiing en zicht op de Atlantische Oceaan. In het voorjaar en de vroege zomer kun je hier ijsbergen zien drijven, terwijl later in het seizoen walvissen regelmatig langs de kust trekken.
Terug in de stad kun je een wandeling maken door de wijk Quidi Vidi. Dit kleine vissersdorp ligt eigenlijk in de stad zelf en voelt als een aparte wereld. De huizen staan dicht op elkaar rond een smalle inham en er zit een kleine brouwerij waar lokaal bier wordt gemaakt.
In de middag is het leuk om wat tijd door te brengen in The Rooms. Dit museum geeft een goed beeld van de geschiedenis en cultuur van Newfoundland, zonder dat het te groot of overweldigend wordt.
’s Avonds kun je kiezen voor een informeel restaurant waar vaak live muziek wordt gespeeld. Muziek is hier nog echt onderdeel van het dagelijks leven en niet alleen voor toeristen.
Vandaag heb je de tijd om St. John’s en de directe omgeving beter te verkennen. Begin de dag rustig met een ontbijt in je inn, vaak met lokale producten zoals vers brood, jam en eieren.
Een aanrader is een bezoek aan Cape Spear, op ongeveer 20 minuten rijden van de stad. Dit is het meest oostelijke punt van Noord-Amerika. Het landschap is hier open en winderig, met lage begroeiing en zicht op de Atlantische Oceaan. In het voorjaar en de vroege zomer kun je hier ijsbergen zien drijven, terwijl later in het seizoen walvissen regelmatig langs de kust trekken.
Terug in de stad kun je een wandeling maken door de wijk Quidi Vidi. Dit kleine vissersdorp ligt eigenlijk in de stad zelf en voelt als een aparte wereld. De huizen staan dicht op elkaar rond een smalle inham en er zit een kleine brouwerij waar lokaal bier wordt gemaakt.
In de middag is het leuk om wat tijd door te brengen in The Rooms. Dit museum geeft een goed beeld van de geschiedenis en cultuur van Newfoundland, zonder dat het te groot of overweldigend wordt.
’s Avonds kun je kiezen voor een informeel restaurant waar vaak live muziek wordt gespeeld. Muziek is hier nog echt onderdeel van het dagelijks leven en niet alleen voor toeristen.
Vandaag start je eerste echte reisdag. Je verlaat St. John’s en rijdt richting Trinity, een van de best bewaarde historische dorpen van Newfoundland. De route voert je langs de oostkust, waar je regelmatig uitzicht hebt op baaien, rotsachtige kustlijnen en kleine nederzettingen.
Een mooie tussenstop is Bonavista. Dit plaatsje ligt iets van de hoofdroute, maar is de omweg waard. Hier vind je Cape Bonavista Lighthouse, een vuurtoren die nog steeds actief is. Vanaf de kliffen heb je goed zicht op de oceaan en met een beetje geluk zie je papegaaiduikers op de rotsen.
Onderweg merk je dat het landschap steeds rustiger wordt. Minder verkeer, meer open ruimte en dorpen waar het tempo duidelijk lager ligt. Tanken doe je het beste op tijd; tankstations liggen soms ver uit elkaar.
Aangekomen in Trinity voelt het alsof je een stap terug in de tijd zet. De houten huizen zijn goed onderhouden en veel gebouwen hebben een historische functie behouden. Je overnacht opnieuw in een kleinschalige inn, vaak met uitzicht op het water of de baai.
Maak aan het einde van de dag nog een korte wandeling door het dorp. Alles ligt op loopafstand en juist in de avond, wanneer het rustiger wordt, komt de sfeer goed tot zijn recht.
Vandaag start je eerste echte reisdag. Je verlaat St. John’s en rijdt richting Trinity, een van de best bewaarde historische dorpen van Newfoundland. De route voert je langs de oostkust, waar je regelmatig uitzicht hebt op baaien, rotsachtige kustlijnen en kleine nederzettingen.
Een mooie tussenstop is Bonavista. Dit plaatsje ligt iets van de hoofdroute, maar is de omweg waard. Hier vind je Cape Bonavista Lighthouse, een vuurtoren die nog steeds actief is. Vanaf de kliffen heb je goed zicht op de oceaan en met een beetje geluk zie je papegaaiduikers op de rotsen.
Onderweg merk je dat het landschap steeds rustiger wordt. Minder verkeer, meer open ruimte en dorpen waar het tempo duidelijk lager ligt. Tanken doe je het beste op tijd; tankstations liggen soms ver uit elkaar.
Aangekomen in Trinity voelt het alsof je een stap terug in de tijd zet. De houten huizen zijn goed onderhouden en veel gebouwen hebben een historische functie behouden. Je overnacht opnieuw in een kleinschalige inn, vaak met uitzicht op het water of de baai.
Maak aan het einde van de dag nog een korte wandeling door het dorp. Alles ligt op loopafstand en juist in de avond, wanneer het rustiger wordt, komt de sfeer goed tot zijn recht.
Vandaag blijf je in en rond Trinity, een plek waar het dagelijks leven nog zichtbaar verweven is met de geschiedenis van de visserij. Begin de dag rustig met een ontbijt in je inn; vaak krijg je hier huisgemaakte jam of versgebakken brood.
Maak daarna een wandeling door het dorp zelf. Trinity is compact, waardoor je alles te voet kunt verkennen. Je loopt langs houten huizen, oude pakhuizen en kleine kerken. Veel gebouwen worden nog steeds gebruikt, wat het dorp levendig houdt zonder dat het druk aanvoelt.
Een aanrader is de Skerwink Trail, net buiten Trinity. Deze wandeling van ongeveer 5 kilometer loopt langs kliffen, bossen en open stukken met uitzicht op zee. Onderweg kom je regelmatig uitkijkpunten tegen waar je even stopt om over de baai te kijken. In het juiste seizoen zie je hier walvissen vlak langs de kust zwemmen.
In de middag kun je kiezen voor een boottocht vanuit Trinity. Deze tochten zijn kleinschalig en richten zich vaak op natuur: walvissen, zeevogels en – in het voorjaar – ijsbergen. De schippers kennen de omgeving goed en delen onderweg praktische informatie, zonder dat het een ‘show’ wordt.
Aan het eind van de dag is het fijn om nog even door het dorp te lopen of op de veranda van je inn te zitten. Het tempo ligt hier laag en dat merk je vooral in de avond.
Vandaag blijf je in en rond Trinity, een plek waar het dagelijks leven nog zichtbaar verweven is met de geschiedenis van de visserij. Begin de dag rustig met een ontbijt in je inn; vaak krijg je hier huisgemaakte jam of versgebakken brood.
Maak daarna een wandeling door het dorp zelf. Trinity is compact, waardoor je alles te voet kunt verkennen. Je loopt langs houten huizen, oude pakhuizen en kleine kerken. Veel gebouwen worden nog steeds gebruikt, wat het dorp levendig houdt zonder dat het druk aanvoelt.
Een aanrader is de Skerwink Trail, net buiten Trinity. Deze wandeling van ongeveer 5 kilometer loopt langs kliffen, bossen en open stukken met uitzicht op zee. Onderweg kom je regelmatig uitkijkpunten tegen waar je even stopt om over de baai te kijken. In het juiste seizoen zie je hier walvissen vlak langs de kust zwemmen.
In de middag kun je kiezen voor een boottocht vanuit Trinity. Deze tochten zijn kleinschalig en richten zich vaak op natuur: walvissen, zeevogels en – in het voorjaar – ijsbergen. De schippers kennen de omgeving goed en delen onderweg praktische informatie, zonder dat het een ‘show’ wordt.
Aan het eind van de dag is het fijn om nog even door het dorp te lopen of op de veranda van je inn te zitten. Het tempo ligt hier laag en dat merk je vooral in de avond.
Vandaag rijd je verder naar Twillingate, een plaats die bekendstaat om zijn ligging aan zee en de kans op ijsbergen. De route voert je eerst terug naar de Trans-Canada Highway en vervolgens noordwaarts richting de kust.
Onderweg merk je dat het landschap geleidelijk verandert. De bossen maken plaats voor open gebieden en je rijdt langs meren en kleine dorpen waar het leven zich grotendeels buiten afspeelt. Het verkeer is rustig, maar de afstanden zijn groot, dus neem de tijd en zorg dat je voldoende brandstof hebt.
Een goede tussenstop is Gander, een plaats met een bijzondere geschiedenis. Tijdens 9/11 werden hier tientallen vliegtuigen omgeleid, en de lokale bevolking ving duizenden passagiers op. In het kleine museum krijg je een beeld van hoe dat destijds ging.
De laatste kilometers naar Twillingate zijn misschien wel het meest typerend voor Newfoundland: smalle wegen, zicht op zee en huizen die verspreid langs de kust liggen.
Twillingate zelf bestaat uit meerdere kleine gemeenschappen die met elkaar verbonden zijn. Je verblijft hier in een kleinschalige inn, vaak met uitzicht op het water. De omgeving is rustig, maar juist dat maakt het een goede plek om de natuur te ervaren.
Vandaag rijd je verder naar Twillingate, een plaats die bekendstaat om zijn ligging aan zee en de kans op ijsbergen. De route voert je eerst terug naar de Trans-Canada Highway en vervolgens noordwaarts richting de kust.
Onderweg merk je dat het landschap geleidelijk verandert. De bossen maken plaats voor open gebieden en je rijdt langs meren en kleine dorpen waar het leven zich grotendeels buiten afspeelt. Het verkeer is rustig, maar de afstanden zijn groot, dus neem de tijd en zorg dat je voldoende brandstof hebt.
Een goede tussenstop is Gander, een plaats met een bijzondere geschiedenis. Tijdens 9/11 werden hier tientallen vliegtuigen omgeleid, en de lokale bevolking ving duizenden passagiers op. In het kleine museum krijg je een beeld van hoe dat destijds ging.
De laatste kilometers naar Twillingate zijn misschien wel het meest typerend voor Newfoundland: smalle wegen, zicht op zee en huizen die verspreid langs de kust liggen.
Twillingate zelf bestaat uit meerdere kleine gemeenschappen die met elkaar verbonden zijn. Je verblijft hier in een kleinschalige inn, vaak met uitzicht op het water. De omgeving is rustig, maar juist dat maakt het een goede plek om de natuur te ervaren.
Vandaag heb je alle tijd om Twillingate en de omgeving te verkennen. Dit is een van de beste plekken in Newfoundland om ijsbergen te zien, vooral tussen mei en juli. Buiten die periode blijft het een interessante kustregio met veel uitzichtpunten.
Begin de dag met een rit naar Long Point Lighthouse. Vanaf hier kijk je uit over de oceaan en de rotsachtige kust. Het is een plek waar je goed ziet hoe het landschap is gevormd door wind en water. De kans is groot dat je hier zeevogels ziet en, afhankelijk van het seizoen, walvissen.
Daarna kun je een van de korte wandelroutes volgen, zoals de Rockcut Twillingate Trails. Deze paden zijn goed onderhouden en geven je toegang tot plekken waar je anders niet snel komt, zoals kleine baaien en rotsformaties.
Een boottocht is hier eigenlijk een van de belangrijkste activiteiten. De boten varen relatief dicht langs de kust en nemen de tijd om ijsbergen of walvissen van dichtbij te bekijken. De grootte van ijsbergen kan variëren van kleine stukken tot enorme blokken ijs die langzaam voorbijdrijven.
In de middag kun je een bezoek brengen aan het Twillingate Museum of een kleine galerie waar lokale kunstenaars hun werk tonen. Dit geeft een goed beeld van het leven in deze regio.
Vandaag heb je alle tijd om Twillingate en de omgeving te verkennen. Dit is een van de beste plekken in Newfoundland om ijsbergen te zien, vooral tussen mei en juli. Buiten die periode blijft het een interessante kustregio met veel uitzichtpunten.
Begin de dag met een rit naar Long Point Lighthouse. Vanaf hier kijk je uit over de oceaan en de rotsachtige kust. Het is een plek waar je goed ziet hoe het landschap is gevormd door wind en water. De kans is groot dat je hier zeevogels ziet en, afhankelijk van het seizoen, walvissen.
Daarna kun je een van de korte wandelroutes volgen, zoals de Rockcut Twillingate Trails. Deze paden zijn goed onderhouden en geven je toegang tot plekken waar je anders niet snel komt, zoals kleine baaien en rotsformaties.
Een boottocht is hier eigenlijk een van de belangrijkste activiteiten. De boten varen relatief dicht langs de kust en nemen de tijd om ijsbergen of walvissen van dichtbij te bekijken. De grootte van ijsbergen kan variëren van kleine stukken tot enorme blokken ijs die langzaam voorbijdrijven.
In de middag kun je een bezoek brengen aan het Twillingate Museum of een kleine galerie waar lokale kunstenaars hun werk tonen. Dit geeft een goed beeld van het leven in deze regio.
Vandaag staat er een langere rit op het programma richting Gros Morne National Park. Je vertrekt op tijd uit Twillingate en rijdt eerst terug naar de Trans-Canada Highway, waarna je westwaarts het eiland doorkruist.
Onderweg zie je het landschap langzaam veranderen. Waar de oostkust nog sterk verbonden is met de zee, rijd je nu meer door binnenland met bossen, meren en lange rechte wegen. Het verkeer is rustig, maar voorzieningen zijn schaars. Plan dus je tankmomenten en neem eventueel iets te eten mee voor onderweg.
Een logische pauzeplek is Grand Falls-Windsor, een van de grotere plaatsen langs deze route. Hier kun je even de benen strekken en iets eten voordat je verder rijdt richting de westkust.
De laatste uren van de rit zijn het meest interessant. Naarmate je Gros Morne nadert, worden de heuvels hoger en het landschap ruiger. Je rijdt langs fjordachtige inhammen en ziet de eerste contouren van de Long Range Mountains.
Je overnacht in Norris Point, een kleine plaats aan de rand van het nationale park. Veel accommodaties liggen direct aan het water of hebben uitzicht op de bergen. De sfeer is rustig en overzichtelijk; een goede uitvalsbasis voor de komende dagen.
Vandaag staat er een langere rit op het programma richting Gros Morne National Park. Je vertrekt op tijd uit Twillingate en rijdt eerst terug naar de Trans-Canada Highway, waarna je westwaarts het eiland doorkruist.
Onderweg zie je het landschap langzaam veranderen. Waar de oostkust nog sterk verbonden is met de zee, rijd je nu meer door binnenland met bossen, meren en lange rechte wegen. Het verkeer is rustig, maar voorzieningen zijn schaars. Plan dus je tankmomenten en neem eventueel iets te eten mee voor onderweg.
Een logische pauzeplek is Grand Falls-Windsor, een van de grotere plaatsen langs deze route. Hier kun je even de benen strekken en iets eten voordat je verder rijdt richting de westkust.
De laatste uren van de rit zijn het meest interessant. Naarmate je Gros Morne nadert, worden de heuvels hoger en het landschap ruiger. Je rijdt langs fjordachtige inhammen en ziet de eerste contouren van de Long Range Mountains.
Je overnacht in Norris Point, een kleine plaats aan de rand van het nationale park. Veel accommodaties liggen direct aan het water of hebben uitzicht op de bergen. De sfeer is rustig en overzichtelijk; een goede uitvalsbasis voor de komende dagen.
Vandaag heb je de tijd om Gros Morne National Park te verkennen. Dit park staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst vanwege de unieke geologie en het afwisselende landschap.
Een van de bekendste plekken is Western Brook Pond. Dit is geen fjord meer, maar een ingesloten zoetwatermeer met steile rotswanden. Om bij de boot te komen, maak je eerst een wandeling van ongeveer 3 kilometer over een vlak pad. De boottocht zelf duurt ongeveer twee uur en geeft je een goed beeld van de schaal van het landschap.
Een heel ander gebied zijn de Tablelands. Hier zie je een kaal, rotsachtig terrein dat een oranje-bruine kleur heeft. Het gesteente komt oorspronkelijk uit de aardmantel en bevat nauwelijks voedingsstoffen, waardoor er bijna niets groeit.
Voor wie wat actiever wil zijn, is er de Gros Morne Mountain Trail. Deze wandeling is pittiger, maar geeft uitzicht over grote delen van het park.
Aan het eind van de dag is het prettig om terug te keren naar Norris Point. Hier kun je aan het water zitten of een restaurant opzoeken waar lokale vis wordt geserveerd.
Vandaag heb je de tijd om Gros Morne National Park te verkennen. Dit park staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst vanwege de unieke geologie en het afwisselende landschap.
Een van de bekendste plekken is Western Brook Pond. Dit is geen fjord meer, maar een ingesloten zoetwatermeer met steile rotswanden. Om bij de boot te komen, maak je eerst een wandeling van ongeveer 3 kilometer over een vlak pad. De boottocht zelf duurt ongeveer twee uur en geeft je een goed beeld van de schaal van het landschap.
Een heel ander gebied zijn de Tablelands. Hier zie je een kaal, rotsachtig terrein dat een oranje-bruine kleur heeft. Het gesteente komt oorspronkelijk uit de aardmantel en bevat nauwelijks voedingsstoffen, waardoor er bijna niets groeit.
Voor wie wat actiever wil zijn, is er de Gros Morne Mountain Trail. Deze wandeling is pittiger, maar geeft uitzicht over grote delen van het park.
Aan het eind van de dag is het prettig om terug te keren naar Norris Point. Hier kun je aan het water zitten of een restaurant opzoeken waar lokale vis wordt geserveerd.
Vandaag rijd je terug richting de noordkust, met als eindbestemming Fogo Island. Je vertrekt opnieuw op tijd, omdat je afhankelijk bent van de ferryverbinding.
De route loopt grotendeels via dezelfde hoofdweg als dag 7, maar door de andere rijrichting oogt het landschap toch anders. Onderweg kun je opnieuw stoppen in plaatsen als Grand Falls-Windsor voor een pauze.
De ferry naar Fogo Island vertrekt vanuit Farewell. Het is verstandig om ruim op tijd aanwezig te zijn, zeker in het hoogseizoen. De overtocht duurt ongeveer 45 minuten en geeft je al een eerste indruk van de afgelegen ligging van het eiland.
Eenmaal aangekomen op Fogo Island merk je direct dat het tempo nog verder omlaag gaat. De wegen zijn smal, de dorpen klein en de afstanden kort. Je rijdt naar je accommodatie, meestal een kleinschalige inn of guesthouse.
Fogo Island staat bekend om zijn traditionele vissersgemeenschappen en ruige kustlijnen. De huizen liggen verspreid langs de rotsachtige kust en veel bewoners zijn nog steeds verbonden met de visserij.
Als je tijd hebt, maak dan alvast een korte rit over het eiland. Het is overzichtelijk en je krijgt snel een goed beeld van de omgeving.
Vandaag rijd je terug richting de noordkust, met als eindbestemming Fogo Island. Je vertrekt opnieuw op tijd, omdat je afhankelijk bent van de ferryverbinding.
De route loopt grotendeels via dezelfde hoofdweg als dag 7, maar door de andere rijrichting oogt het landschap toch anders. Onderweg kun je opnieuw stoppen in plaatsen als Grand Falls-Windsor voor een pauze.
De ferry naar Fogo Island vertrekt vanuit Farewell. Het is verstandig om ruim op tijd aanwezig te zijn, zeker in het hoogseizoen. De overtocht duurt ongeveer 45 minuten en geeft je al een eerste indruk van de afgelegen ligging van het eiland.
Eenmaal aangekomen op Fogo Island merk je direct dat het tempo nog verder omlaag gaat. De wegen zijn smal, de dorpen klein en de afstanden kort. Je rijdt naar je accommodatie, meestal een kleinschalige inn of guesthouse.
Fogo Island staat bekend om zijn traditionele vissersgemeenschappen en ruige kustlijnen. De huizen liggen verspreid langs de rotsachtige kust en veel bewoners zijn nog steeds verbonden met de visserij.
Als je tijd hebt, maak dan alvast een korte rit over het eiland. Het is overzichtelijk en je krijgt snel een goed beeld van de omgeving.
Vandaag heb je alle tijd om Fogo Island verder te verkennen. Het eiland is niet groot, maar juist door de verspreide dorpen en kronkelende wegen voelt het gevarieerd. Je rijdt van gemeenschap naar gemeenschap, elk met een eigen karakter.
Begin de dag bijvoorbeeld in Tilting, een van de oudste Ierse nederzettingen in Noord-Amerika. Hier zie je nog traditionele houten huizen, vaak met felgekleurde kozijnen en eenvoudige tuinen. Het dorp ligt direct aan zee en heeft wandelpaden langs de kust waar je zonder veel hoogteverschil kunt lopen.
Daarna kun je doorrijden naar Joe Batt’s Arm. Dit is een van de grotere plaatsen op het eiland en hier vind je ook het moderne Fogo Island Inn, een opvallend gebouw op palen aan de kust. Zelfs als je hier niet overnacht, is het interessant om de ligging te zien en eventueel een korte stop te maken.
Verspreid over het eiland vind je kleine studio’s van lokale kunstenaars. Deze zijn onderdeel van een initiatief om kunst en gemeenschap te verbinden. Je kunt vaak gewoon binnenlopen en met de maker zelf praten over hun werk en het leven op het eiland.
Het landschap is hier open en rotsachtig, met weinig begroeiing en voortdurend zicht op zee. Het weer kan snel veranderen; een jas meenemen is dus geen overbodige luxe.
Aan het eind van de dag keer je terug naar je accommodatie. De avonden zijn rustig en donker, en door het gebrek aan lichtvervuiling zie je hier op heldere dagen veel sterren.
Vandaag heb je alle tijd om Fogo Island verder te verkennen. Het eiland is niet groot, maar juist door de verspreide dorpen en kronkelende wegen voelt het gevarieerd. Je rijdt van gemeenschap naar gemeenschap, elk met een eigen karakter.
Begin de dag bijvoorbeeld in Tilting, een van de oudste Ierse nederzettingen in Noord-Amerika. Hier zie je nog traditionele houten huizen, vaak met felgekleurde kozijnen en eenvoudige tuinen. Het dorp ligt direct aan zee en heeft wandelpaden langs de kust waar je zonder veel hoogteverschil kunt lopen.
Daarna kun je doorrijden naar Joe Batt’s Arm. Dit is een van de grotere plaatsen op het eiland en hier vind je ook het moderne Fogo Island Inn, een opvallend gebouw op palen aan de kust. Zelfs als je hier niet overnacht, is het interessant om de ligging te zien en eventueel een korte stop te maken.
Verspreid over het eiland vind je kleine studio’s van lokale kunstenaars. Deze zijn onderdeel van een initiatief om kunst en gemeenschap te verbinden. Je kunt vaak gewoon binnenlopen en met de maker zelf praten over hun werk en het leven op het eiland.
Het landschap is hier open en rotsachtig, met weinig begroeiing en voortdurend zicht op zee. Het weer kan snel veranderen; een jas meenemen is dus geen overbodige luxe.
Aan het eind van de dag keer je terug naar je accommodatie. De avonden zijn rustig en donker, en door het gebrek aan lichtvervuiling zie je hier op heldere dagen veel sterren.
Je verlaat Fogo Island en neemt opnieuw de ferry terug naar het vasteland. Zorg dat je op tijd bij de haven bent, zodat je ontspannen kunt vertrekken.
Na aankomst rijd je zuidwaarts richting Terra Nova National Park. Deze route is minder druk en geeft je opnieuw een ander beeld van Newfoundland. Je rijdt langs meren, bossen en af en toe kleine dorpen waar het leven zich vooral buiten afspeelt.
Terra Nova is een van de oudste nationale parken van Canada en staat bekend om zijn beschutte baaien en beboste heuvels. In tegenstelling tot Gros Morne is het landschap hier groener en toegankelijker, met veel korte wandelroutes.
Je accommodatie ligt in of nabij het park, vaak midden in de natuur. Kleinschalige lodges en inns zijn hier de standaard, waardoor je echt het gevoel hebt even weg te zijn van alles.
Als je nog tijd hebt, maak dan een korte wandeling, bijvoorbeeld langs de kust of door het bos. De paden zijn goed aangegeven en variëren in lengte.
Je verlaat Fogo Island en neemt opnieuw de ferry terug naar het vasteland. Zorg dat je op tijd bij de haven bent, zodat je ontspannen kunt vertrekken.
Na aankomst rijd je zuidwaarts richting Terra Nova National Park. Deze route is minder druk en geeft je opnieuw een ander beeld van Newfoundland. Je rijdt langs meren, bossen en af en toe kleine dorpen waar het leven zich vooral buiten afspeelt.
Terra Nova is een van de oudste nationale parken van Canada en staat bekend om zijn beschutte baaien en beboste heuvels. In tegenstelling tot Gros Morne is het landschap hier groener en toegankelijker, met veel korte wandelroutes.
Je accommodatie ligt in of nabij het park, vaak midden in de natuur. Kleinschalige lodges en inns zijn hier de standaard, waardoor je echt het gevoel hebt even weg te zijn van alles.
Als je nog tijd hebt, maak dan een korte wandeling, bijvoorbeeld langs de kust of door het bos. De paden zijn goed aangegeven en variëren in lengte.
Vandaag rijd je verder richting het schiereiland Avalon, maar dit keer naar een minder bezocht deel: St. Bride’s. De route voert je langs binnenwegen en kuststukken waar je weinig andere reizigers tegenkomt.
Onderweg kun je stoppen bij kleine dorpen waar de visserij nog steeds zichtbaar aanwezig is. Denk aan boten in de haven, netten die drogen en eenvoudige huizen die dicht bij elkaar staan.
St. Bride’s ligt aan een brede baai en is vooral bekend om de walvissen die hier in het seizoen dicht langs de kust zwemmen. De omgeving is open, met glooiende heuvels en lange kustlijnen.
Je overnacht opnieuw in een kleinschalige accommodatie. Verwacht hier geen uitgebreide voorzieningen, maar juist een persoonlijke sfeer en vaak een warme ontvangst door de eigenaar.
Als het weer het toelaat, is het mooi om aan het eind van de dag nog een stuk langs de kust te lopen. Je hebt hier vrij uitzicht over zee en het is er meestal rustig.
Vandaag rijd je verder richting het schiereiland Avalon, maar dit keer naar een minder bezocht deel: St. Bride’s. De route voert je langs binnenwegen en kuststukken waar je weinig andere reizigers tegenkomt.
Onderweg kun je stoppen bij kleine dorpen waar de visserij nog steeds zichtbaar aanwezig is. Denk aan boten in de haven, netten die drogen en eenvoudige huizen die dicht bij elkaar staan.
St. Bride’s ligt aan een brede baai en is vooral bekend om de walvissen die hier in het seizoen dicht langs de kust zwemmen. De omgeving is open, met glooiende heuvels en lange kustlijnen.
Je overnacht opnieuw in een kleinschalige accommodatie. Verwacht hier geen uitgebreide voorzieningen, maar juist een persoonlijke sfeer en vaak een warme ontvangst door de eigenaar.
Als het weer het toelaat, is het mooi om aan het eind van de dag nog een stuk langs de kust te lopen. Je hebt hier vrij uitzicht over zee en het is er meestal rustig.
Vandaag rijd je verder langs de zuidkust van het Avalon-schiereiland richting Trepassey. Dit is geen lange rit, waardoor je alle tijd hebt om onderweg stops te maken.
De route volgt grotendeels de kust en geeft regelmatig uitzicht op brede baaien en open zee. Onderweg kom je door kleine plaatsen waar het dagelijks leven zich nog grotendeels buiten afspeelt. Havens met vissersboten, eenvoudige huizen en weinig verkeer bepalen hier het beeld.
Een interessante stop is Cape St. Mary’s Ecological Reserve (optioneel, iets van de route maar goed te combineren). Hier vind je een van de grootste zeevogelkolonies van Noord-Amerika. Je loopt over een relatief vlak pad naar een klif waar duizenden jan-van-genten broeden. De vogels vliegen af en aan, vaak op korte afstand, wat het een bijzondere plek maakt zonder dat je ver hoeft te wandelen.
Trepassey zelf is klein en rustig. Het dorp heeft een geschiedenis in de visserij en later ook als tussenstop voor trans-Atlantische vluchten in de beginjaren van de luchtvaart. Veel voorzieningen zijn er niet, maar juist dat maakt het een plek waar je even loskomt van het tempo van de reis.
Je verblijft in een eenvoudige, kleinschalige accommodatie. Verwacht hier geen luxe, maar wel een plek waar je wordt ontvangen door mensen uit de regio.
Vandaag rijd je verder langs de zuidkust van het Avalon-schiereiland richting Trepassey. Dit is geen lange rit, waardoor je alle tijd hebt om onderweg stops te maken.
De route volgt grotendeels de kust en geeft regelmatig uitzicht op brede baaien en open zee. Onderweg kom je door kleine plaatsen waar het dagelijks leven zich nog grotendeels buiten afspeelt. Havens met vissersboten, eenvoudige huizen en weinig verkeer bepalen hier het beeld.
Een interessante stop is Cape St. Mary’s Ecological Reserve (optioneel, iets van de route maar goed te combineren). Hier vind je een van de grootste zeevogelkolonies van Noord-Amerika. Je loopt over een relatief vlak pad naar een klif waar duizenden jan-van-genten broeden. De vogels vliegen af en aan, vaak op korte afstand, wat het een bijzondere plek maakt zonder dat je ver hoeft te wandelen.
Trepassey zelf is klein en rustig. Het dorp heeft een geschiedenis in de visserij en later ook als tussenstop voor trans-Atlantische vluchten in de beginjaren van de luchtvaart. Veel voorzieningen zijn er niet, maar juist dat maakt het een plek waar je even loskomt van het tempo van de reis.
Je verblijft in een eenvoudige, kleinschalige accommodatie. Verwacht hier geen luxe, maar wel een plek waar je wordt ontvangen door mensen uit de regio.
De laatste rijdag brengt je terug naar St. John’s. In plaats van dezelfde weg terug te nemen, kun je een deel van de Irish Loop rijden, een route die bekendstaat om zijn afwisselende kustlandschap.
Onderweg passeer je plaatsen als Ferryland, waar je nog restanten vindt van een van de eerste Europese nederzettingen in Noord-Amerika. Hier kun je een korte stop maken en eventueel een wandeling doen langs de kust.
De route is rustig en overzichtelijk, maar biedt genoeg variatie om interessant te blijven. Denk aan kliffen, open stukken kust en af en toe een dorp waar je even kunt stoppen voor koffie of lunch.
Aangekomen in St. John’s lever je de auto nog niet meteen in (afhankelijk van je vluchttijd de volgende dag). Je hebt nog een laatste avond in de stad, wat een goed moment is om een restaurant uit te kiezen dat je eerder misschien hebt overgeslagen.
Dit is ook het moment om nog een keer door het centrum te lopen en de reis rustig af te sluiten.
De laatste rijdag brengt je terug naar St. John’s. In plaats van dezelfde weg terug te nemen, kun je een deel van de Irish Loop rijden, een route die bekendstaat om zijn afwisselende kustlandschap.
Onderweg passeer je plaatsen als Ferryland, waar je nog restanten vindt van een van de eerste Europese nederzettingen in Noord-Amerika. Hier kun je een korte stop maken en eventueel een wandeling doen langs de kust.
De route is rustig en overzichtelijk, maar biedt genoeg variatie om interessant te blijven. Denk aan kliffen, open stukken kust en af en toe een dorp waar je even kunt stoppen voor koffie of lunch.
Aangekomen in St. John’s lever je de auto nog niet meteen in (afhankelijk van je vluchttijd de volgende dag). Je hebt nog een laatste avond in de stad, wat een goed moment is om een restaurant uit te kiezen dat je eerder misschien hebt overgeslagen.
Dit is ook het moment om nog een keer door het centrum te lopen en de reis rustig af te sluiten.
Afhankelijk van je vluchttijd heb je nog even de tijd in St. John’s. Misschien nog een laatste wandeling door de stad of een ontbijt buiten de deur.
Daarna rijd je naar de luchthaven, levert de huurauto in en checkt in voor je terugvlucht. De route naar het vliegveld is kort en overzichtelijk.
Deze reis door Newfoundland eindigt zoals hij begon: kleinschalig en zonder haast. Je hebt in twee weken een goed beeld gekregen van het eiland, van levendige kustplaatsen tot rustige natuurgebieden en afgelegen dorpen.
Afhankelijk van je vluchttijd heb je nog even de tijd in St. John’s. Misschien nog een laatste wandeling door de stad of een ontbijt buiten de deur.
Daarna rijd je naar de luchthaven, levert de huurauto in en checkt in voor je terugvlucht. De route naar het vliegveld is kort en overzichtelijk.
Deze reis door Newfoundland eindigt zoals hij begon: kleinschalig en zonder haast. Je hebt in twee weken een goed beeld gekregen van het eiland, van levendige kustplaatsen tot rustige natuurgebieden en afgelegen dorpen.
Na aankomst op de luchthaven van St. John’s haal je de huurauto op en rijd je in ongeveer 15 minuten naar je accommodatie in de stad. St. John’s is de oudste stad van Noord-Amerika en dat merk je meteen: geen strak stratenplan, maar kronkelende wegen, gekleurde huizen en een haven die nog steeds actief wordt gebruikt.
Afhankelijk van je aankomsttijd kun je alvast een eerste indruk opdoen. Loop bijvoorbeeld naar Signal Hill, waar je uitkijkt over de haven en de open oceaan. Hier kwam in 1901 het eerste trans-Atlantische radiosignaal binnen. Het pad omhoog is goed te doen en geeft je meteen een gevoel voor de ligging van de stad.
In het centrum, rondom Water Street, vind je kleine winkels, cafés en restaurants. Geen grote ketens, maar lokale adressen waar vis en zeevruchten vaak op het menu staan. Probeer bijvoorbeeld een eenvoudige fish & chips of een chowder; gerechten die hier nog echt onderdeel zijn van het dagelijks leven.
Je overnacht in een kleinschalige inn, vaak gevestigd in een historisch pand. De kamers zijn niet groot, maar wel verzorgd, en het ontbijt wordt meestal vers bereid. Het is een fijne plek om rustig te landen na je vlucht.
Vandaag heb je de tijd om St. John’s en de directe omgeving beter te verkennen. Begin de dag rustig met een ontbijt in je inn, vaak met lokale producten zoals vers brood, jam en eieren.
Een aanrader is een bezoek aan Cape Spear, op ongeveer 20 minuten rijden van de stad. Dit is het meest oostelijke punt van Noord-Amerika. Het landschap is hier open en winderig, met lage begroeiing en zicht op de Atlantische Oceaan. In het voorjaar en de vroege zomer kun je hier ijsbergen zien drijven, terwijl later in het seizoen walvissen regelmatig langs de kust trekken.
Terug in de stad kun je een wandeling maken door de wijk Quidi Vidi. Dit kleine vissersdorp ligt eigenlijk in de stad zelf en voelt als een aparte wereld. De huizen staan dicht op elkaar rond een smalle inham en er zit een kleine brouwerij waar lokaal bier wordt gemaakt.
In de middag is het leuk om wat tijd door te brengen in The Rooms. Dit museum geeft een goed beeld van de geschiedenis en cultuur van Newfoundland, zonder dat het te groot of overweldigend wordt.
’s Avonds kun je kiezen voor een informeel restaurant waar vaak live muziek wordt gespeeld. Muziek is hier nog echt onderdeel van het dagelijks leven en niet alleen voor toeristen.
Vandaag start je eerste echte reisdag. Je verlaat St. John’s en rijdt richting Trinity, een van de best bewaarde historische dorpen van Newfoundland. De route voert je langs de oostkust, waar je regelmatig uitzicht hebt op baaien, rotsachtige kustlijnen en kleine nederzettingen.
Een mooie tussenstop is Bonavista. Dit plaatsje ligt iets van de hoofdroute, maar is de omweg waard. Hier vind je Cape Bonavista Lighthouse, een vuurtoren die nog steeds actief is. Vanaf de kliffen heb je goed zicht op de oceaan en met een beetje geluk zie je papegaaiduikers op de rotsen.
Onderweg merk je dat het landschap steeds rustiger wordt. Minder verkeer, meer open ruimte en dorpen waar het tempo duidelijk lager ligt. Tanken doe je het beste op tijd; tankstations liggen soms ver uit elkaar.
Aangekomen in Trinity voelt het alsof je een stap terug in de tijd zet. De houten huizen zijn goed onderhouden en veel gebouwen hebben een historische functie behouden. Je overnacht opnieuw in een kleinschalige inn, vaak met uitzicht op het water of de baai.
Maak aan het einde van de dag nog een korte wandeling door het dorp. Alles ligt op loopafstand en juist in de avond, wanneer het rustiger wordt, komt de sfeer goed tot zijn recht.
Vandaag blijf je in en rond Trinity, een plek waar het dagelijks leven nog zichtbaar verweven is met de geschiedenis van de visserij. Begin de dag rustig met een ontbijt in je inn; vaak krijg je hier huisgemaakte jam of versgebakken brood.
Maak daarna een wandeling door het dorp zelf. Trinity is compact, waardoor je alles te voet kunt verkennen. Je loopt langs houten huizen, oude pakhuizen en kleine kerken. Veel gebouwen worden nog steeds gebruikt, wat het dorp levendig houdt zonder dat het druk aanvoelt.
Een aanrader is de Skerwink Trail, net buiten Trinity. Deze wandeling van ongeveer 5 kilometer loopt langs kliffen, bossen en open stukken met uitzicht op zee. Onderweg kom je regelmatig uitkijkpunten tegen waar je even stopt om over de baai te kijken. In het juiste seizoen zie je hier walvissen vlak langs de kust zwemmen.
In de middag kun je kiezen voor een boottocht vanuit Trinity. Deze tochten zijn kleinschalig en richten zich vaak op natuur: walvissen, zeevogels en – in het voorjaar – ijsbergen. De schippers kennen de omgeving goed en delen onderweg praktische informatie, zonder dat het een ‘show’ wordt.
Aan het eind van de dag is het fijn om nog even door het dorp te lopen of op de veranda van je inn te zitten. Het tempo ligt hier laag en dat merk je vooral in de avond.
Vandaag rijd je verder naar Twillingate, een plaats die bekendstaat om zijn ligging aan zee en de kans op ijsbergen. De route voert je eerst terug naar de Trans-Canada Highway en vervolgens noordwaarts richting de kust.
Onderweg merk je dat het landschap geleidelijk verandert. De bossen maken plaats voor open gebieden en je rijdt langs meren en kleine dorpen waar het leven zich grotendeels buiten afspeelt. Het verkeer is rustig, maar de afstanden zijn groot, dus neem de tijd en zorg dat je voldoende brandstof hebt.
Een goede tussenstop is Gander, een plaats met een bijzondere geschiedenis. Tijdens 9/11 werden hier tientallen vliegtuigen omgeleid, en de lokale bevolking ving duizenden passagiers op. In het kleine museum krijg je een beeld van hoe dat destijds ging.
De laatste kilometers naar Twillingate zijn misschien wel het meest typerend voor Newfoundland: smalle wegen, zicht op zee en huizen die verspreid langs de kust liggen.
Twillingate zelf bestaat uit meerdere kleine gemeenschappen die met elkaar verbonden zijn. Je verblijft hier in een kleinschalige inn, vaak met uitzicht op het water. De omgeving is rustig, maar juist dat maakt het een goede plek om de natuur te ervaren.
Vandaag heb je alle tijd om Twillingate en de omgeving te verkennen. Dit is een van de beste plekken in Newfoundland om ijsbergen te zien, vooral tussen mei en juli. Buiten die periode blijft het een interessante kustregio met veel uitzichtpunten.
Begin de dag met een rit naar Long Point Lighthouse. Vanaf hier kijk je uit over de oceaan en de rotsachtige kust. Het is een plek waar je goed ziet hoe het landschap is gevormd door wind en water. De kans is groot dat je hier zeevogels ziet en, afhankelijk van het seizoen, walvissen.
Daarna kun je een van de korte wandelroutes volgen, zoals de Rockcut Twillingate Trails. Deze paden zijn goed onderhouden en geven je toegang tot plekken waar je anders niet snel komt, zoals kleine baaien en rotsformaties.
Een boottocht is hier eigenlijk een van de belangrijkste activiteiten. De boten varen relatief dicht langs de kust en nemen de tijd om ijsbergen of walvissen van dichtbij te bekijken. De grootte van ijsbergen kan variëren van kleine stukken tot enorme blokken ijs die langzaam voorbijdrijven.
In de middag kun je een bezoek brengen aan het Twillingate Museum of een kleine galerie waar lokale kunstenaars hun werk tonen. Dit geeft een goed beeld van het leven in deze regio.
Vandaag staat er een langere rit op het programma richting Gros Morne National Park. Je vertrekt op tijd uit Twillingate en rijdt eerst terug naar de Trans-Canada Highway, waarna je westwaarts het eiland doorkruist.
Onderweg zie je het landschap langzaam veranderen. Waar de oostkust nog sterk verbonden is met de zee, rijd je nu meer door binnenland met bossen, meren en lange rechte wegen. Het verkeer is rustig, maar voorzieningen zijn schaars. Plan dus je tankmomenten en neem eventueel iets te eten mee voor onderweg.
Een logische pauzeplek is Grand Falls-Windsor, een van de grotere plaatsen langs deze route. Hier kun je even de benen strekken en iets eten voordat je verder rijdt richting de westkust.
De laatste uren van de rit zijn het meest interessant. Naarmate je Gros Morne nadert, worden de heuvels hoger en het landschap ruiger. Je rijdt langs fjordachtige inhammen en ziet de eerste contouren van de Long Range Mountains.
Je overnacht in Norris Point, een kleine plaats aan de rand van het nationale park. Veel accommodaties liggen direct aan het water of hebben uitzicht op de bergen. De sfeer is rustig en overzichtelijk; een goede uitvalsbasis voor de komende dagen.
Vandaag heb je de tijd om Gros Morne National Park te verkennen. Dit park staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst vanwege de unieke geologie en het afwisselende landschap.
Een van de bekendste plekken is Western Brook Pond. Dit is geen fjord meer, maar een ingesloten zoetwatermeer met steile rotswanden. Om bij de boot te komen, maak je eerst een wandeling van ongeveer 3 kilometer over een vlak pad. De boottocht zelf duurt ongeveer twee uur en geeft je een goed beeld van de schaal van het landschap.
Een heel ander gebied zijn de Tablelands. Hier zie je een kaal, rotsachtig terrein dat een oranje-bruine kleur heeft. Het gesteente komt oorspronkelijk uit de aardmantel en bevat nauwelijks voedingsstoffen, waardoor er bijna niets groeit.
Voor wie wat actiever wil zijn, is er de Gros Morne Mountain Trail. Deze wandeling is pittiger, maar geeft uitzicht over grote delen van het park.
Aan het eind van de dag is het prettig om terug te keren naar Norris Point. Hier kun je aan het water zitten of een restaurant opzoeken waar lokale vis wordt geserveerd.
Vandaag rijd je terug richting de noordkust, met als eindbestemming Fogo Island. Je vertrekt opnieuw op tijd, omdat je afhankelijk bent van de ferryverbinding.
De route loopt grotendeels via dezelfde hoofdweg als dag 7, maar door de andere rijrichting oogt het landschap toch anders. Onderweg kun je opnieuw stoppen in plaatsen als Grand Falls-Windsor voor een pauze.
De ferry naar Fogo Island vertrekt vanuit Farewell. Het is verstandig om ruim op tijd aanwezig te zijn, zeker in het hoogseizoen. De overtocht duurt ongeveer 45 minuten en geeft je al een eerste indruk van de afgelegen ligging van het eiland.
Eenmaal aangekomen op Fogo Island merk je direct dat het tempo nog verder omlaag gaat. De wegen zijn smal, de dorpen klein en de afstanden kort. Je rijdt naar je accommodatie, meestal een kleinschalige inn of guesthouse.
Fogo Island staat bekend om zijn traditionele vissersgemeenschappen en ruige kustlijnen. De huizen liggen verspreid langs de rotsachtige kust en veel bewoners zijn nog steeds verbonden met de visserij.
Als je tijd hebt, maak dan alvast een korte rit over het eiland. Het is overzichtelijk en je krijgt snel een goed beeld van de omgeving.
Vandaag heb je alle tijd om Fogo Island verder te verkennen. Het eiland is niet groot, maar juist door de verspreide dorpen en kronkelende wegen voelt het gevarieerd. Je rijdt van gemeenschap naar gemeenschap, elk met een eigen karakter.
Begin de dag bijvoorbeeld in Tilting, een van de oudste Ierse nederzettingen in Noord-Amerika. Hier zie je nog traditionele houten huizen, vaak met felgekleurde kozijnen en eenvoudige tuinen. Het dorp ligt direct aan zee en heeft wandelpaden langs de kust waar je zonder veel hoogteverschil kunt lopen.
Daarna kun je doorrijden naar Joe Batt’s Arm. Dit is een van de grotere plaatsen op het eiland en hier vind je ook het moderne Fogo Island Inn, een opvallend gebouw op palen aan de kust. Zelfs als je hier niet overnacht, is het interessant om de ligging te zien en eventueel een korte stop te maken.
Verspreid over het eiland vind je kleine studio’s van lokale kunstenaars. Deze zijn onderdeel van een initiatief om kunst en gemeenschap te verbinden. Je kunt vaak gewoon binnenlopen en met de maker zelf praten over hun werk en het leven op het eiland.
Het landschap is hier open en rotsachtig, met weinig begroeiing en voortdurend zicht op zee. Het weer kan snel veranderen; een jas meenemen is dus geen overbodige luxe.
Aan het eind van de dag keer je terug naar je accommodatie. De avonden zijn rustig en donker, en door het gebrek aan lichtvervuiling zie je hier op heldere dagen veel sterren.
Je verlaat Fogo Island en neemt opnieuw de ferry terug naar het vasteland. Zorg dat je op tijd bij de haven bent, zodat je ontspannen kunt vertrekken.
Na aankomst rijd je zuidwaarts richting Terra Nova National Park. Deze route is minder druk en geeft je opnieuw een ander beeld van Newfoundland. Je rijdt langs meren, bossen en af en toe kleine dorpen waar het leven zich vooral buiten afspeelt.
Terra Nova is een van de oudste nationale parken van Canada en staat bekend om zijn beschutte baaien en beboste heuvels. In tegenstelling tot Gros Morne is het landschap hier groener en toegankelijker, met veel korte wandelroutes.
Je accommodatie ligt in of nabij het park, vaak midden in de natuur. Kleinschalige lodges en inns zijn hier de standaard, waardoor je echt het gevoel hebt even weg te zijn van alles.
Als je nog tijd hebt, maak dan een korte wandeling, bijvoorbeeld langs de kust of door het bos. De paden zijn goed aangegeven en variëren in lengte.
Vandaag rijd je verder richting het schiereiland Avalon, maar dit keer naar een minder bezocht deel: St. Bride’s. De route voert je langs binnenwegen en kuststukken waar je weinig andere reizigers tegenkomt.
Onderweg kun je stoppen bij kleine dorpen waar de visserij nog steeds zichtbaar aanwezig is. Denk aan boten in de haven, netten die drogen en eenvoudige huizen die dicht bij elkaar staan.
St. Bride’s ligt aan een brede baai en is vooral bekend om de walvissen die hier in het seizoen dicht langs de kust zwemmen. De omgeving is open, met glooiende heuvels en lange kustlijnen.
Je overnacht opnieuw in een kleinschalige accommodatie. Verwacht hier geen uitgebreide voorzieningen, maar juist een persoonlijke sfeer en vaak een warme ontvangst door de eigenaar.
Als het weer het toelaat, is het mooi om aan het eind van de dag nog een stuk langs de kust te lopen. Je hebt hier vrij uitzicht over zee en het is er meestal rustig.
Vandaag rijd je verder langs de zuidkust van het Avalon-schiereiland richting Trepassey. Dit is geen lange rit, waardoor je alle tijd hebt om onderweg stops te maken.
De route volgt grotendeels de kust en geeft regelmatig uitzicht op brede baaien en open zee. Onderweg kom je door kleine plaatsen waar het dagelijks leven zich nog grotendeels buiten afspeelt. Havens met vissersboten, eenvoudige huizen en weinig verkeer bepalen hier het beeld.
Een interessante stop is Cape St. Mary’s Ecological Reserve (optioneel, iets van de route maar goed te combineren). Hier vind je een van de grootste zeevogelkolonies van Noord-Amerika. Je loopt over een relatief vlak pad naar een klif waar duizenden jan-van-genten broeden. De vogels vliegen af en aan, vaak op korte afstand, wat het een bijzondere plek maakt zonder dat je ver hoeft te wandelen.
Trepassey zelf is klein en rustig. Het dorp heeft een geschiedenis in de visserij en later ook als tussenstop voor trans-Atlantische vluchten in de beginjaren van de luchtvaart. Veel voorzieningen zijn er niet, maar juist dat maakt het een plek waar je even loskomt van het tempo van de reis.
Je verblijft in een eenvoudige, kleinschalige accommodatie. Verwacht hier geen luxe, maar wel een plek waar je wordt ontvangen door mensen uit de regio.
De laatste rijdag brengt je terug naar St. John’s. In plaats van dezelfde weg terug te nemen, kun je een deel van de Irish Loop rijden, een route die bekendstaat om zijn afwisselende kustlandschap.
Onderweg passeer je plaatsen als Ferryland, waar je nog restanten vindt van een van de eerste Europese nederzettingen in Noord-Amerika. Hier kun je een korte stop maken en eventueel een wandeling doen langs de kust.
De route is rustig en overzichtelijk, maar biedt genoeg variatie om interessant te blijven. Denk aan kliffen, open stukken kust en af en toe een dorp waar je even kunt stoppen voor koffie of lunch.
Aangekomen in St. John’s lever je de auto nog niet meteen in (afhankelijk van je vluchttijd de volgende dag). Je hebt nog een laatste avond in de stad, wat een goed moment is om een restaurant uit te kiezen dat je eerder misschien hebt overgeslagen.
Dit is ook het moment om nog een keer door het centrum te lopen en de reis rustig af te sluiten.
Afhankelijk van je vluchttijd heb je nog even de tijd in St. John’s. Misschien nog een laatste wandeling door de stad of een ontbijt buiten de deur.
Daarna rijd je naar de luchthaven, levert de huurauto in en checkt in voor je terugvlucht. De route naar het vliegveld is kort en overzichtelijk.
Deze reis door Newfoundland eindigt zoals hij begon: kleinschalig en zonder haast. Je hebt in twee weken een goed beeld gekregen van het eiland, van levendige kustplaatsen tot rustige natuurgebieden en afgelegen dorpen.

Deze reis vormt een goede basis, maar we passen hem graag aan op jouw voorkeuren. Wil je meer tijd in de natuur doorbrengen? Dan kun je extra nachten toevoegen in Gros Morne National Park, zodat je meer wandelingen kunt maken of een kajaktocht kunt doen op Bonne Bay.
Ook Fogo Island kun je verlengen als je de rust en het lokale leven verder wilt ervaren. Hier draait het minder om ‘zien’ en meer om het tempo van het eiland volgen.
Liever iets meer comfort? Dan kunnen we op een aantal plekken accommodaties upgraden, bijvoorbeeld met uitzicht op zee of een bijzondere lodge.
Je kunt de reis ook uitbreiden met Labrador of combineren met Nova Scotia, afhankelijk van hoeveel tijd je hebt.
We denken met je mee en zorgen dat de reis logisch blijft qua opbouw en rijafstanden.
De beste reistijd voor deze Newfoundland autorondreis is van juni tot en met september. In mei en juni heb je de meeste kans op ijsbergen, terwijl juli en augustus beter zijn voor walvissen en aangenamer weer.
Ja, deze Newfoundland autorondreis is geschikt voor iedereen die comfortabel kan autorijden. De afstanden zijn soms wat langer, maar de wegen zijn rustig en overzichtelijk.
Je verblijft tijdens deze Newfoundland autorondreis in kleinschalige inns en guesthouses. Deze zijn persoonlijk, vaak kleinschalig en geven een goed beeld van de lokale sfeer.
Tijdens deze Newfoundland autorondreis is de kans op walvissen groot, vooral tussen juni en augustus. Op meerdere plekken langs de kust kun je ze zelfs vanaf land zien.
IJsbergen zijn meestal zichtbaar tussen mei en begin juli. Dit verschilt per jaar en hangt af van stromingen en temperatuur.
Voor populaire excursies zoals boottochten raden we aan om deze vooraf te reserveren, vooral in het hoogseizoen.
De ferry naar Fogo Island is inbegrepen in deze Newfoundland autorondreis en wordt vooraf voor je geboekt. De overtocht duurt ongeveer 45 minuten.
Nee, Newfoundland is relatief rustig vergeleken met andere delen van Canada. Juist dat maakt deze Newfoundland autorondreis aantrekkelijk.
Ja, deze Newfoundland autorondreis is volledig aanpasbaar. We kunnen eenvoudig nachten toevoegen of het programma inkorten.
Tijdens deze Newfoundland autorondreis kiezen we bewust voor kleinschalige accommodaties. Dit betekent dat je verblijft bij lokale ondernemers, waardoor de inkomsten direct in de regio blijven. Daarnaast werken we waar mogelijk samen met lokale excursie-aanbieders die kleinschalig opereren en rekening houden met natuur en wildlife.
Ook jij kunt tijdens de reis eenvoudige keuzes maken die verschil maken. Blijf op gemarkeerde paden in nationale parken, houd afstand tot dieren zoals walvissen en zeevogels, en beperk het gebruik van plastic waar mogelijk.
Omdat je met een huurauto reist, heb je veel vrijheid. Door je route logisch te plannen en onnodige kilometers te vermijden, beperk je de impact van je reis.
Zo zorgen we er samen voor dat Newfoundland ook in de toekomst een plek blijft waar natuur en lokale gemeenschappen in balans zijn.
Op dit moment zijn er geen excursies beschikbaar of van toepassing voor deze reis.
We werken er hard aan om ons aanbod up-to-date te houden, dus mogelijk voegen we dit later nog toe.
Scroll gerust verder om alle informatie over deze reis te ontdekken en je alvast te laten inspireren.
Vergelijk niet alleen de prijs, maar let ook op:


Vergelijk niet alleen de prijs, maar let ook op:


Reizigers die bij ons hebben geboekt, delen hier hun ervaringen. Over de voorbereiding, de reis zelf en hoe het is om met ons samen te werken. Deze reviews geven een eerlijk beeld van wat je van ons kunt verwachten. Gemiddeld scoren we een 9,3 uit 157 beoordelingen!
Wil je deze reis graag aanvragen? Vul hieronder je gegevens en reiswensen in. Op basis daarvan stellen wij een persoonlijk reisvoorstel voor je samen en nemen we contact met je op om alles door te spreken.

Vul het formulier in om jouw reisaanvraag te voltooien
Vertrekdatum:
Retourdatum:
Volwassenen:
Kinderen:
Baby’s:
Reiswensen:
Kwaliteit:
Vliegtickets inbegrepen:
Aanhef:
Voornaam:
Achternaam:
Adres:
Telefoonnummer:
Email:
Plan vrijblijvend een gesprek met een Canada-specialist. We helpen je met het samenstellen van jouw ideale reis en beantwoorden al je vragen.